Verbetering Vangnet AOV
Sinds de afschaffing van de Wet
Arbeidsongeschiktheidsverzekering Zelfstandigen (WAZ) in 2004
bestaat er voor zelfstandigen geen publieke arbeidsongeschiktheisverzekering
(AOV) meer.
Een zelfstandige kan alleen nog
terecht bij een particuliere verzekeraar. Deze particuliere verzekeraar
toetst de medische toestand van een zelfstandige. Meestal leidt dit tot een
volledige acceptatie van de
verzekering. Maar het kan ook leiden tot acceptatie op basis van afwijkende
voorwaarden of zelfs tot
een afwijzing van de aanvraag. In dit geval kan een zelfstandige aanspraak maken
op Vangnet AOV.
Vangnet AOV:
De vangnet AOV is door het
Verbond van Verzekeraars ontwikkeld op verzoek van het Ministerie van
Sociale Zaken en Werkgelegenheid. Met deze vangnetoplossing kan iedere
zelfstandig ondernemer zich
verzekeren tegen het risico van arbeidsongeschiktheid. Met ingang van 1 november
2008 is de Vangnet
AOV sterk verbeterd ten opzichte van de in 2004 geïntroduceerde verzekering.
Hieronder volgt een
opsomming van de belangrijkste wijzigingen.
- Er geldt een wachttijd van één jaar na de eerste ziektedag (dit was twee jaar).
- Ook bij gedeeltelijke
arbeidsongeschiktheid (vanaf 35%) volgt een uitkering (dit was alleen bij
volledige
(vanaf 80%) arbeidsongeschiktheid).
- Het verzekerde bedrag voor 2008 is maximaal € 12.111,00 dit is 70% van het minimumloon.
- Recht op uitkering bestaat
tot 65 jaar (voorheen was de uitkering die binnen 5 jaar na het aangaan van
de verzekering was ontstaan, beperkt tot slechts 5 jaar).
- Het arbeidsongeschiktheidscriterium is gangbare arbeid.
- De premie (behorende bij het
maximale verzekerde bedrag) is leeftijdsonafhankelijk en bedraagt
exclusief vaste polisopslag:
o Klasse 1 € 2.316,94
o Klasse 2 € 2.606,55
o Klasse 3 en 4 € 2.896,17
o Vaste polisopslag € 75,00
- De verzekerde heeft recht op
premievrijstelling bij arbeidsongeschiktheid vanaf het moment van uitkeren.
De hoogte van de premievrijstelling is afhankelijk van de mate van
arbeidsongeschiktheid.
- Het verzekerde bedrag en de
uitkering worden jaarlijks verhoogd met het percentage waarmee het
wettelijke minimumloon ten opzichte van 1 januari van het afgelopen jaar is
verhoogd.